Menu
Inhoud boek

Sluiten Inleiding

Sluiten Gong fabricatie

Sluiten Gong gieten

Sluiten Gong smeden

Sluiten Gong Stemmen

Sluiten Gong afwerken

Sluiten Financieel Economisch

Sluiten Buiten bezittingen

Sluiten Javaansche termen

Sluiten Foto's (Platen)

Gong gieten - Deel-1
GIETEN VAN EEN GONG

De alliage waaruit metalen muziekinstrumenten vervaardigd worden heet „gangsa" [gong-spijs] en bestaat uit 10 deelen roodkoper en 3 deelen tin.
Volgens bewering der gongmakers hier, verstaan de gong-makers in Solo, Bandjarněgara en andere plaatsen, waar „wilah's" en „bonang's" gemaakt worden, tegenwoordig de kunst niet meer om „gangsa" te bereiden, en zouden zij zich er toe bepalen om oude gebarsten instrumenten over te smelten.
De voor de geheele week benoodigde hoeveelheid gong-spijs wordt gewoonlijk Vrijdag's namiddags gemaakt. In een haard kan in één dag 5 tot 6 pikol „gangsa" bereid worden.

Dit geschiedt als volgt.
Een   groote  smeltkroes   [„kowi běsótan"] wordt in de houtskool van den haard ingegraven en gedeeltelijk met houtskool gevuld.
De vervaardiging dezer smeltkroezen alsmede ook die der overige bij de fabrikatie gebezigde kleinere kroezen, geschiedt door afzonderlijke werklieden [„toekang kowi"] waarvan er in kampong Gěndingan op 't oogenblik twee zijn, n.1. PAK DRACHMAN en ABDOEL GAPAR.
Een mengsel van roode leem [„lěmpoeng abang"], afkomstig uit om Semarang gelegen heuvels, en verkoolde „bramboet' of „měramboet", doppen en gehakte stengels van „padï” vormt de grondstof waaruit de kroezen uit de hand gevormd en, na droging, gebakken worden.
Is, na de bovenomschreven ingraving van den smeltkroes, in den haard het vuur ontstoken, dan worden de blokken koper, met houtskool vermengd, boven den kroes opgestapeld en het geheel weder met houtskool bedekt.
De houtskool [„arěng"], die zoowel voor het smelten als voor het verhitten der stukken bij het smeden gebruikt wordt, is uitsluitend houtskool van djati-hout (Tectona grandis L.); „arěng" van kěsambi-hout (Schleichera trijuga WILLD.), die anders als de beste wordt beschouwd , geeft volgens de gong-makers een te felle hitte, waardoor de stukken ongelijkmatig verwarmd zouden worden en lichtelijk zouden verbranden. Om het arěng-vuur aan te wakkeren wordt bij het smelten geen gebruik gemaakt van het ondergrondsche luchtkanaal, maar men plaatst boven den stapel houtskool een eigenaardig blaastoestel [Zie Plaat II].

Deze bestaat uit een „soeling" in den vorm van een dikke bamboe [„bamboe pětoeng" = Bambusa nigro-ciliata BUSE] met doorboorde geledingen [tegenwoordig veelal een ijzeren buis], die schuin boven den haard geplaatst wordt, met het benedenste uiteinde in de kuil, op de plattegrond met cl aangegeven, en in het midden ondersteund door een dwarsstang; verder in positie gehouden dooreen paar daarop gelegde planken met gewichten.

Creatie datum : 24/02/2010 @ 20:58
Laatste wijziging : 25/02/2010 @ 22:13
Categorie : Gong gieten
Pagina gelezen 5131 keren


Print preview Print preview     Print deze pagina Print deze pagina

Recensies op dit boek


Er heeft nog niemand gereageerd.


Zoeken




Bezoekers 25-02-2010

 108027 Bezoekers

 2 Bezoekers online

Belangrijke Links
Copyright
Niets op deze site mag worden gekopieerd of gebruikt, tenzij hiervoor uitdrukkelijke toestemming van de Webmaster en eventuele derde rechthebbenden is verkregen.
Alle foto's hebben een Niet zichtbaar Digitaal Watermerk, waarmee o.a. aangetoond kan worden dat de Copyright van de desbetreffende foto van "Semarang Photo Archives" is.
Mocht blijken dat foto(s) zonder toestemming zijn gebruikt, dan zijn wij genoodzaakt gerechtelijke stappen te ondernemen.

^ Boven ^