Verhalen door:

Sluiten Derks H.A.T.

Sluiten Derks, H.A.T.

Sluiten Eijgelsheim Eric

Sluiten Geugten J.E. van der

Sluiten Groot, Kees

Sluiten Hartsuiker, Cees

Sluiten Hofwijk J.W.

Sluiten IndonesiŽ

Sluiten Jonge, Jaap de

Sluiten Kol, van H.

Sluiten Kuin, Herbert

Sluiten Levert-van der Mijll Dekker, Els

Sluiten Melati van Java

Sluiten Nuhoff, Betsie

Sluiten Numans, Mary

Sluiten Pieters, Lody

Sluiten Putten, Krijn van

Sluiten Renesse, Lucie van

Sluiten Tebbenhoff H.

Sluiten Velleman, Luwi

Sluiten Verschuren, Naomi

Sluiten Weel, Ron van der

Hoorspel / Luisterboek

Sluiten Documentaire films

Sluiten Spoorloos

Sluiten Verhalen in PŤtjoh

Sluiten Boomsma, Graa

Sluiten Brooshooft. P (Toneel)

Sluiten Daum P.A.

Sluiten Dijk Ko van

Sluiten Hella Haasse

Sluiten Keuls, Hans

Sluiten Louis Couperus

Sluiten Mark Loman

Sluiten Multatuli

Sluiten Olaf J. De Landell

Sluiten Pramoedya Ananta Toer

Sluiten Soer Josephine

Sluiten Szťkely-Lulofs M.H.

Sluiten x - MP3 Software

Derks H.A.T. - Naar Ned. IndiŽ - 9.1



De Zeereis van Holland naar Ned. IndiŽ in oorlogstijd.

25 Maart - 4 April 1918

Java - Bandjoewangi

25 Maart. Pas om half negen vertrokken wij die dag en reeds om half tien waren wij in een volle en woelige zee. Jeane was erg zeeziek. Deze dag verliep met weinig menschen aan tafel en allen met bleeke gezichten de boot ging geweldig te keer.
     
26 Maart. Ook deze dag was het geen mooi weer. Om 12 uur kwam het lakoniek bericht dat wij rechtstreeks naar Batavia zouden stoomen en na eenige uren het bericht dat dat was om de Engelsche oorlogsschepen te misleiden want die zochten ons om de scheepsruimte in beslag te nemen voor de oorlog tegen Duitschland. Wij zouden dus China en Malakka op deze reis niet aandoen wat wel een tegenval voor ons was. Aan gevaar werd weinig gedacht want de omgeving hier gaf geen leiding daartoe.
     
27 Maart. Ook dit was nog geen mooie dag en de avonden waren nogal ongezellig omdat wij met gedoofde lichten en geblindeerde patrijspoorten moesten varenwege het zicht voor de zoekende Engelsche schepen. De andere booten de Kawi en de Vondel hadden ons geheel verlaten en stoomden in geheel andere richtingen rechtstreeks op een ander punt van Indie aan. Met gissingen werden Makassar en Malado en andere plaatsen genoemd maar de kapitein bewaarde het stilzwjgen er was dus een spanning aan boord. Gelukkig werd het weer beter en kwam ook Jeane weer aan het dek.
     
28 Maart. Dit was een mooie maar ook een heel warme dag. Velen konden het moeilijk verdragen en ook Jeane reageerde op deze tropenhitte.
  
29 Maart. De volgende dag was het nog warmer en in de nacht koelde het maar weinig af. In de avond kwamen we alleen in pijama aan het dek en begonnen ons wat beter te voelen. De meer vroolijke stemming keerde terug.
     
30 Maart. Ook dit was een mooie dag. Gezellig speelden wij slofje onder, kat en muis, derde man enz. en de gemoederen kwamen los. Er werd luchtig geflirt en geschertst.
     
31 Maart. Beide vorige dagen passeerden geregeld kleine eilanden op groote afstand meest aan stuurboord gelegen en behoorende tot de Philipijnen. Wij zaten dus noord van Celebes en nagenoeg op de evenaar. Om 3 uur in de middag paseerden we de evenaar en dat werd een waterfeest. Alle heren zouden er aan deelnemen. In het begin ging dat met kleine plasjes water en wat gestoei doch om vier uur kwam het goed. Neptunis verscheen met muziek voorop gekleed in oliejas en zuidwester had een groote baard en werd gevolgd door een stel oude Indisch gasten. Deze heren zouden de nieuwelingen dopen. De eerste werd voor geroepen en Neptunis sprak hem toe:


Ik Neptunis God aller zeeen Koning van alle golven en
vijand van de stranden en klippen heb de eer U bij het overzeilen mijner rugvin te dopen.
Dadelijk daarop brak de straal uit de straalpijp los en een voor een werden we kletsnat gespoten vervolgens werd de straal gericht op de oudgasten en zelfs op Neptunis en een verdwaalde straal ging in de richting van de lachende damestoeschouwers. Het was af! hoor.
     
1 April. 2e Paaschdag en dus eieren op tafel. Weer een gezellige warme dag. s'Avonds gingen plots alle lichten uit alleen het seinlicht zagen we zoo nu dan doch de telegrafisten onder ons konden deze niet verklaren. Het kwam namelijk te onverwacht. De kapitein en andere officioeren lieten geen woord los.
     
2 April. s'Morgens een bericht dat de Kawi en Rindjani te Makassar zijn binnengelopen. Van de Vondel hoorden wij niets en waar wij binnen zouden lopen evenmin. Pas in de avond drong het gerucht door dat wij Bali zouden aandoen doch dat was dan ook maar een gerucht. Wij stoomden immers steeds zuidwaarts en moesten dus ergens in Indie uitkomen. Als tweede gerucht werd verteld dat het seinen gisteren betrof een contact met een Hollandsche oorlogsboot die ons het bericht van de Kawi en Rindjani gaf en tevens aan ons de opdracht gaf om Bandjoewangi (de uiterste Oostpunt van Java) aan te doen. Op die manier ontkwamen wij aan in de omgeving patrouillerende Engelsche schepen.
     
3 April. De volgende morgen zagen wij aan beide zijden in de verte land en meenden wij te varen tusschen Soembawa en Floris of tusschen Soembawa en Bali.
     
Spoedig waren we nu in de Stille Zuidzee. De koers werd nu Westwaarts en aan stuurboord bleven we land in zicht houden. Wij konden bergen rotsen en klippen onderscheiden doch geen steden wel zagen we duidelijk de branding tegen de rotsachtige kust. Een van de bergen vermoedelijk de goenoeng Rindjani of de goenoeng Agoeng die meer dan 3000 meter hoog zijn stak zijn kop diep in de wolken dat gaf een mooi aanzicht. Tegen de avond stoomden we de straat Bali in en aldra zagen we de vuurtoren van Bandjoewangi. Later zagen we ook de lichten van de stad en de lichten van op de reede liggende andere schepen. Om 8 uur lagen wij voor anker. Te Bandjoewangi wist men niets van onze aankomst dus duurde het lang voor er iemand van de wal bij ons aan boord kwam. Eindelijk om half tien een roeibootje langszij met een drietal Nederlanders. Na een onderhoud met de kapitein vertrokken zij weer en vernamen wij de jongste berichtn over de oorlog uit de meegebrachte dagbladen. Verder gebeurde er die avond niets bijzonders.
     
4 April. s' Morgens al vroeg op. Wij genoten van de mooie eerste aanblik die Java ons gaf. Een dicht begroeide tropische kust met palmen en rijstvelden de voorgrond grenzende aan het strand en verderop begrensd door de bergen met machtige ravijnen. Er lagen vele schepen o.a. ook een Duits schip en tientallen kleine visschersbooten met hun vleugel zwaarden.


Creatie datum : 25/10/2010 @ 14:59
Laatste wijziging : 25/10/2010 @ 15:55
Categorie : Derks H.A.T.
Pagina gelezen 3801 keren


Print preview Print preview     Print deze pagina Print deze pagina

Reacties op dit verhaal


Er heeft nog niemand gereageerd.


Share
Zoeken




Bezoekers 01-01-2008

 622995 Bezoekers

 11 Bezoekers online

TopArtikelen
^ Boven ^