Uw Indisch verhaal, hoorspel of luisterboek op Internet.

http://www.semarang.nl/verhaal/

Gevangenissen 6 (Kol, van H.)

Lees voor met webReader

De gevangenissen in Semarang.
Deel 6.

In het tweede kwartier te Boegangan zag ik tot mijn ver-bazing drie blokken gereserveerd, voor menschen die geen mis-dadigers zijn, doch door armoede of bedrog en misleiding er toe werden gebracht om in verre landen een zuur stuk brood te gaan verdienen, namelijk voor een honderdtal emigranten voor Suriname.

Wel loopen zij vrij rond achter de tralies, en was er een afzonderlijke ziekenzaal; doch waarom deze "vrije" arbeiders aldus door hun contract hier verzeild raakten, is mij niet recht duidelijk geworden.

c. De Vrouwengevangenis te Boeloe.

Ofschoon er plaats was voor 250 veroordeelde vrouwen, waren er dien i9den April gelukkig slechts 151 aanwezig. Zij word en hier uit geheel Indie samengebracht, terwijl zij in vroeger jaren in het bosch van Soemberwaroe wat lichten arbeid aan den weg moesten verrichten.

Thans arbeiden zij van 7 tot 11, en van 1 tot 4 1/2 uur; krijgen rust van 11 tot 1, en van 6 tot 7 uur; terwijl zij van 4 1/2 tot 5 1/2 uur moeten heen en weer wandelen.

Haar eten, driemaal daags, schijnt zeer voldoende te zijn. Het verblijf vormt een net lommerrijk binnenhof, en elken Zondag mogen zij van 10 tot 11 uur haar familie ontvangen.

De jongste der bewoonsters was 16 jaar; en het aantal ongchuwde moeders, die wegens kinder-moord hier zijn opgenomen, moet tamelijk aanzienlijk zijn.

Een Atjehsche vrouw was er gevangen, die in Segli vivres aan de benden harer landgenooten had gebracht.

In den regel hadden de meesten een gezond uiterlijk, al waren er onlangs drie aan cholera overleden. Des nachts is er geen licht in de lokalen, doch de bewaaksters slapen binnen; de (vrouwelijke) mandoers dragen een M en de oppasseressen een O op de mouw; dit zijn k veroordeelden, die door haar goed gedrag deze onderscheiding wisten te verwerven. In het algemeen waren het niet de leelijksten die daarvoor waren uitgekozen.

Het ranselen met den rotan is hier verboden, en de straffen bestaan in het opsluiten in de eel, het onthouden van sirih, en het voeden met water en rijst.