Gong fabricatie - Foto (plaat) - 7

Op deze foto (plaat) 7 vindt men de volgende verschillende in de gong-industrie gebruikte werktuigen:
- „paloe", de groote ijzeren hamer, waarmede bijna al het smeedwerk wordt verricht.
- „gěblog", een korte, maar zeer zware ijzeren hamer, waarmee de „leleran", de groote koek van gong-spijs, wordt stuk geslagen.
- „moendjoelan", houten hamer waarvan de ronde kop met koper is beslagen, voor het bewerken van de knop van den „gong".
- „papaq", groote houten hamer waarmede de eerste bewerkingen, na het smeden met de ijzeren hamers, worden verricht.
- „tjontong", een handbeschermer waarmede de hand gedekt wordt tegen de hitte van een smeedstuk, als dat met de nijptangen wordt vastgehouden.
- „prapeh", korte houten hamer voor het bewerken van den opstaanden rand van den „gong".
- „mason", houten hamer waarmede de „pasoe" (richel) in den „gong" wordt uitgeslagen.
- „pěnjoekat pěngiwa' en ,, 11. „pěnjoekat gogol", de kleine en de groote haken waarmede het smeedstuk in den haard wordt behandeld.
- schuitvormige houten hamer.
- „aling-aling", scherm van gevlochten bamboe aan een langen steel, waarmede bij het gieten „pandji" tegen den gloed van 't gesmolten metaal wordt beschermd.