Zoeken
 
Sluiten

     Facebook
     Pinterest

semarang.jpg
Semarang Archief

Documenten

Kaarten & Plattegronden

Foto's

Bezoekers sinds 1992

 3423061 Bezoekers

 9 Bezoekers online

rss Deze artikelen zijn ook met een RSS reader te lezen. :
https://www.semarang.nl/data/nl-articles.xml

Smeden van de gong deel 3

De grootste van deze stangen [„pěnjoekat gogol"] wordt in de rechterhand gogol"] wordt in de rechterhand, de kleinste [„pěnjoekat pěngiwa"] in de linkerhand gehouden. De grootte der stangen verschilt naar gelang van de te maken „gong's"; in vroegeren tijd werden meestal zeer korte stangen [z.g. „pěnjoekat lakon"] gebruikt, die nu niet meer in zwang zijn.

De „pěnjoekaïs" zijn aan de punt omgebogen en in het houten handvat [„garem"] door een ijzeren ring [„karah"] bevestigd. Met deze werktuigen weet de „pandji" zoo handig te manoeuvreeren, dat hij het werkstuk in den haard ronddraait, oplicht of omkeert, zoodat het voortdurend in beweging is. Hierdoor verkrijgt men eene gelijkmatige verwarming van het werkstuk.
Fig. 3 geeft aan hoe een reeds gedeeltelijk uitgesmeed stuk met de „pěnjoekat's" wordt vastgehouden als het in den haard ligt.

Smeden van de gong - fig-3


Bij al  deze manipulaties laat de „pandji" de   jpěnjoekafs" steunen op een houten lat, die voor den haard is aangebracht en „anggěl" heet [zie fig. 1 s].

De „lakar" wordt dus onder voortdurend ronddraaien en omwenden in het vuur tot donkerroode gloeihitte verwarmd *).
De graad van verhitting vordert groote oplettendheid, daar het stuk bij het smeden zou barsten, indien het te sterk en ook indien het te weinig verhit mocht zijn.
Daarom is de werkplaats opzettelijk tamelijk donker gemaakt, daar bij te helle verlichting de „pandji" den juisten graad van gloeihitte niet zou kunnen beoordeelen. De gloeiende „lakar" wordt nu dooi' een der helpers met behulp van een ijzeren nijptang uit het vuur gehaald en op den ,,watoe tanděs" op zijn kant gezet. De „pandji" grijpt het stuk met twee tangen aan, terwijl de helper een ijzeren staaf waarvan het uiteinde omgebogen is, als steun achter de „lakar" plaatst [zie fig. 4].

De eerste smid [„maloe ngarěp"] slaat dan krachtig met de „gěblog" op den rand van de „lakar". Bij groote gong's moeten twee smeden, de een met de „gěblog", de ander met een „paloe", het stuk bewerken. Na eiken hamerslag draait de „pandji" met behulp der nijptangen de „lakar" iets om, zoodat aldus de geheele rand gelijk gesmeed wordt. Dit heet „něsěk".
Daarna wordt het stuk door den helper weer in den haard terug gebracht en opnieuw verhit.



*) Niet tot bij het smeltpunt zooals vermeld by DE DOES t.a.p.


Creatie datum: 25/02/2010 00:00
Categorie: - Gong fabricatie te Semarang
Pagina gelezen 9310 keren

Zoek in de krantenknipsels

La vie est un pélerinage
La vie est un pélerinage